[Home]
[Email]

le kiosque à musique
een performance van Antoon Versteegde

De installatie "le kiosque à musique" is een vervolg op de verplaatsbare installatie "Staketsels '84', waarbij muziek en performance de hoofdthema's zijn geworden.

Het gebeuren vindt 's avonds (donker) plaats in de open lucht, in een zeshoekig bouwsel waaromheen het publiek zich beweegt om tot telkens andere inzichten te komen. De constructie van dit bouwsel bestaat uit bamboestokken, en heeft een doorsnee van 6 meter en een hoogte van 3 meter. Vanuit het midden bedient de kunstenaar zes formaties geluidsapparatuur met diaprojectoren die hun beelden vertonen op aan de buitenzijde van de kiosk aangebrachte transparante vlakken.

De geluidsinstallatie zal bestaan uit 6 geprepareerde grammofoons, zes cassetterecorders, zes stereoversterkers, 18 luidsprekers, 3 zangmicrofoons, 3 keramische vingerelementen, 6 diaprojectoren.

De rol van het publiek binnen 'le kiosque à musique' brengt hen in de nog onwennige situatie van actief aanwezig zijn bij een muziekuitvoering. De geluidstechnieken die ontstonden dankzij elektrische vindingen leidden veelal tot een massamediaal muziekgenot voor miljoenen dat lichtverteerbaar wordt opgediend.
Ook voor muziekanten schijnt een hierop gerichte ontwikkeling een bijna onvermijdelijke drang te zijn.

Geïnspireerd door muziek-uit-geluidsapparatuur wordt de eigen muziek afgestemd op deze redupliceerbaarheid via grammofoonplaten.
Zo is er een muur opgetrokken tussen publiek en muziek, die elke activiteit of rechtstreekse betrokkenheid belet. Op deze muur hangt aan de linkerkant en aan de rechterkant een luidspreker, en het publiek is geleerd hoe ze hierin enig genot kunnen herkennen. Ter identificatie staat de artiest in het midden op een videoscherm te playbacken.

In "le kiosque à musique" wordt vooral het platte in de hedendaagse muziekcultuur verbannen, door een zodanige opstelling te nemen voor de presentatie, dat één bepaald gezichtspunt of luisterhoek nimmer een kompleet beeld kàn geven van het gebeuren. Het publiek wordt zo gedwongen om zich te verplaatsen, te bewegen en telkens wisselende standpunten in te nemen, om er aldus achter te komen dat eenieder telkens andere ervaringen heeft en ieders aanwezig zijn in deze uniek genoemd mag worden. Deze constatering verleent de toeschouwer enige betekenis binnen het totaalproject.

Zowel de bouw van de kiosk als de structuur die wordt gebruikt voor de muziek zijn afgeleid van de verplaatsbare installatie "Staketsels '84" waarmee Antoon Versteegde voorheen een aantal opstellingen maakte. Het waren echter niet zozeer de mogelijkheden van de daarin toegepaste driehoeksvormen, als wel de onmogelijkheden van het platte vlak met haakse hoeken die hem een aantal beperkingen van geldende normen deden inzien. Door wetmatigheden die ontstonden bij de constructies van de piramidevormige staketsels te gebruiken om varianten te zoeken binnen de rechtlijnige systemen die van kracht zijn, kwam hij tot simpele vondsten die de basis vormden voor dit nieuwe project.


 

"le kiosque à musique"
performance van Antoon Versteegde
tijdsduur: 60 minuten

ouverture
dia discothèque
aria / recording
improvisation du disque
aria / replay
toucher les cordes / recording
aria / replay replay
toucher les cordes / replay


ouverture

De zes geluidsinstallaties worden in bedrijf gesteld.
Om beurten worden de zes grammofoons van identieke platen voorzien, die tevoren zijn geprepareerd (drogenaald-gravures), waardoor de naald blijft 'hangen' in een gedeelte van de groef.

Uit zes luidsprekers komen verschillende, zichzelf herhalende geluidsfragmenten die een basismelodie gaan vormen die gedragen wordt door de regelmaat waarmee de platen ronddraaien (33 toeren per minuut) en een zestal inkervingen op onderling gelijke afstand wat een tikritme teweegbrengt van 3,3 per seconde.
Een toer van de plaat is te beschouwen als de maat, de tikken vormen het ritme. Doordat de zes afzonderlijke grammofoons niet synchroon lopen, ontstaan hierin langzame verschuivingen. De basismelodie kan worden gewijzigd door om beurten één grammofoon met de hand of mechanisch te beïnvloeden om tot een ander geluidsfragment te komen.

Indien de 'START'-knop van een grammofoon wordt ingedrukt, tilt de arm zich op en gaat naar zijn rustpunt, om vervolgens terug te keren naar een van te voren in te stellen groefgedeelte. Wanneer de 'START'-knop nu ingedrukt blijft zal de arm na ± één toer zich weer optillen en voornoemde beweging blijven herhalen, waarbij het op-en-neer gaan even lang duur als vier toeren van de plaat. Aan het slot van de ouverture zullen alle grammofoons als zodanig zijn ingesteld, wat hen het beeld verleent van een mechanisch opererend strijkerensemble.


dia discothèque

Telkens wanneer een arm op zijn 'rustpunt' komt, wordt een elektrische schakeling teweeggebracht die een bijbehorende diaprojector doet doordraaien. Vanuit het dak van de kiosk projecteren deze hun beelden op zes aan de buitenzijde aangebrachte transparante vlakken. Elke projectie heeft een basiskleur: geel, oranje, rood, paars, blauw of groen.


aria / recording
aria / replay
aria / replay replay

De zanginstallatie beschikt over drie microfoons, die tegelijkertijd één solo-zancgpartij opnemen met onderling voortdurend wisselende afstanden. Elke microfoon is aangesloten op twee van de drie bijbehorende stereorecorders. Wanneer deze opnames weer tegelijkertijd worden afgedraaid, zullen er groter wordende tijdsverschillen ontstaan tussen de drie niet synchroon lopende recorders, waardoor weerklanken en galmen toenemen.

Als de cassettes later ook nog in een andere recorder worden afgedraaid dan de 'moeder'-recorder, ontstaan er toonafwijkingen doordat de loopsnelheid van de drie recorders nimmer exact gelijk is. Doordat de menselijke stem veel boventonen net zich meebrengt, draagt de toonafwijking bij tot meervoudige klankkleuring, wat samen met het niet synchroon lopen van de recorders een meerstemmig koor uit de zes luidsprekers laat opklinken.


improvisation du disque

De partituur van de zes zelfopererende grammofoons dient als uitgangspunt voor deze muziekimprovisatie. Eenzelfde plaat als die welke op de grammofoons draaien, wordt gepromoveerd tot solo-instrument. Het vergrootte middengat wordt om de linkerpink geschoven, en de plaat wordt met de rechterhand in tegenovergestelde richting gedraaid (achterstevoren afgespeeld).

De groef wordt afgetast met aan de linkervingers bevestigde grammofoonelementen, die op normale wijze via kabels op versterkers zijn aangesloten. De kunstenaar wordt zo grammofoonspeler; doordat hij ook over zijn zintuigen beschikt onderscheidt hij zich hoorbaar van de zes elektrisch/mechanisch werkende grammofoons.


toucher les cordes / recording
toucher les cordes / replay

De gitaar is voorzien van zes keramische elementen, één voor elke snaar, waarvan de trillingen vlak voor de snarenbalk via rechtstreeks contact worden overgenomen en omgezet in elektrische impulsen die naar zes verschillende versterkers gaan. Van daaruit worden de gitaarklanken versterkt doorgestuurd naar zes verspreid opgestelde luidsprekers, die elk één van de snaren laten weerklinken.

Op deze wijze wordt het geluid van een gitaar bijeengehaald en kan de individuele functie van elke snaar tot uiting komen, zoals dat ook door de gitarist wordt ervaren in zijn spel. Het gitaarspel wordt opgenomen op drie stereorecorders (één snaar per spoor) en later met enig onderling tijdsverschil weer ten gehore gebracht als een complex snarengeluid dat niet meer definieerbaar is als afkomstig van één gitaar.






[Home]

www.versteegde.nl

[TOP]

[Email]